COLUMN

Inspelen

René van Es | 12 januari 2006

Hoe vaak heeft u in de afgelopen tijd mogen meemaken dat beluisterde apparatuur niet geheel voldeed aan het verwachtingspatroon, waarna uw opmerkingen daarover werden afgedaan met de mededeling: “Het moet nog inspelen”? Net zoveel keer als ik? Telkens als iets niet klopt in een set komt dat stokpaardje naar voren. Alsof het een noodrem is waarvan misbruik, in tegenstelling tot in het openbaar vervoer, niet wordt gestraft. En het ergste is dat we onze eigen hobby belachelijk aan het maken zijn.

Hoe denkt u dat een niet audiofiel reageert als u de onderstaande stelling poneert. Erger nog, hoe denkt u dat iemand met een technische achtergrond reageert. Die lacht u vierkant uit en hij heeft nog gelijk ook. Mag ik een stukje citeren uit een persbericht dat ik onlangs las: “Dat deze kabels iets speciaals zijn, mag blijken uit het statement van de ontwerper dat niet alleen de kabels moeten inspelen, maar ook de componenten die je eraan hangt. De condensatoren en andere componenten moeten immers wennen aan de gestegen dynamiek die binnenkomt via het lichtnet.” Hou toch op zeg, gestegen dynamiek uit het lichtnet. Je kunt ook te ver gaan. Ik vind de ontwerper meer bijzonder dan de kabel op deze manier.

De term “inspelen” wordt mijn inziens meer en meer misbruikt om de nieuwe of toekomstige eigenaar van apparatuur of kabels om de tuin te leiden. Het idee daarachter is dat men op den duur wel went aan een tekortkoming en die gaat accepteren als normaal. Waarmee het inspeelproces dus gereduceerd wordt tot hersenspoelen. Met excessen zoals boven, of wat ik ook pas las: “De buizen moeten minimaal 800 uur inspelen”. Jaja, dat is 1/6 tot 1/10 deel van hun totale levensduur. Inderdaad bent u na 800 uur luisteren zeker gewend aan de klank van een buis.

Laten we nu eens normaal gaan doen. Feit is dat inspelen geen grapje is. Condensatoren worden beter naarmate ze een poosje onder spanning hebben gestaan. Luidsprekers moeten met de conus wapperen om soepel te worden en oplosmiddelen uit te ademen. Kabels moeten stroom geleiden om beschadigingen in de kristalstructuur, ontstaan bij de productie, zelf te herstellen. Hoe doe je dat bij kabels. 1. Laat ze een jaar liggen. 2. Laat ze een maand spelen of 3. Jaag er 24 uur een forse stroom doorheen. Zoals op de foto van een Cable Cooker die Kemp Elektronics gebruikt. Een luidspreker laat je muziek maken, zet de tuner aan op een rockzender en verlaat het huis. Een CD speler op repeat. Een versterker zet je aan. Als een kabel of een elektronisch component na 3 of 4 dagen continue aanstaan niet lekker presteert, dan is er iets ernstig fout mee. Luidsprekers inspelen duurt helaas langer. Soms zelfs veel langer. Maar dan nog vind ik het raar als een speaker maanden nodig heeft om eindelijk te gaan presteren. Klinkt het niet naar uw zin, zoek dan gewoon verder tot u iets kunt vinden dat passend is. En leen vooral demo apparatuur van een dealer waarvan hij durft te zeggen dat het “ingespeeld” is. Weet u tenminste zeker welke eindprestatie u mag verwachten.

Ook voor dealers en importeur ligt hier een taak; laat die maar aangeven wat de inspeeltijd is. Met de belofte dat na de inspeeltijd de eindklank is bereikt. Graag zonder flauwekul en reële periodes. Dan ontnemen we critici en high-end tegenstanders tenminste één argument om onze geliefde hobby belachelijk te maken. Want wennen aan gestegen dynamiek uit het lichtnet is net zo absurd, in mijn ogen, als het wennen van een garage aan een groter type auto. Terecht dat we uitgelachen worden. Teveel waarde hechten aan inspelen doet mij opspelen.

Met vriendelijke groet,
René van Es


EDITORS' CHOICE