ARTIKEL

Sabine Uitslag (CDA) Muziekbeleving

In de weekenden staat ze met haar band Spinrock op de bühne, doordeweeks zit ze voor het CDA op het pluche van de Tweede Kamer. Google ‘CDA’ en ‘rockzangeres’, en het zoekresultaat is zonder twijfel Sabine Uitslag. Voor onze serie De Muziekbeleving Van… zochten we de Twentse (Westerhaar, 1973) op in de hectiek van het Binnenhof.

De dag - Internationale Dag van de Rechten van de Mens - waarop de Hofstad wordt overspoeld met een recordaantal demonstraties, terwijl in de Kamer de begroting op het programma staat en een debat over de Q-koorts, de epidemie waar Sabine Uitslag (met in haar portefeuille onder andere Gezondheidszorg) zijdelings bij betrokken is. Voor even hoeft ze niet over politiek te praten, maar over haar grote passie, muziek. Want: ‘een dag niet gezongen, is een dag niet geleefd’. Met Spinrock brengt Uitslag volgens de bandbio een ‘sexy show’ vol ‘eerlijke’ rockcovers, van acts als Anouk, Foo Fighters, Adele, Lenny Kravitz, Pearl Jam en Red Hot Chili Peppers. Maar soms ook een eigen song. Onlangs schreef de bevriende Henk ‘Goede Doel’ Temming speciaal voor de band een nummer. Sabine Uitslag over haar muzikale opvoeding en favorieten, ofwel ‘geheime zendermuziek’, de ‘christelijke’ muziek van U2, de schoonheid van mineurklanken en de betere schreeuw- en smijtnummers.

Blueszangeres

“Ik vraag me wel eens af, hoe zou het gelopen zijn als mijn moeder een blueszangeres was geweest, zoals de moeder van Anouk? Dan had ik waarschijnlijk niet hier in Den Haag gezeten. Mijn moeder zong wel, maar in een kerkkoor, christelijke liedjes. Mijn zusje - die ook goed zingt - is twee jaar jonger, mijn broer negen jaar jonger. We vormden een gezellig arbeidersgezin, met redelijk strenge ouders, mede vanwege het geloof. Westerhaar was tot mijn twaalfde het middelpunt van de wereld, daarna verhuisden we naar Vriezenveen. Almelo, dat was de grote, verre stad.”

Toppop & piraten

“Er stond altijd muziek aan: Hilversum 3. De zondagmiddag van de KRO was een vaste luistermiddag. En mijn moeder wilde geen aflevering van Toppop missen. Ze hield van The Police en van Rob de Nijs. De clip van We All Stand Together van Paul McCartney was mijn favoriet, met die kikkers, geweldig. [zingt melodie] Dan dansten mijn moeder en ik samen rond de tafel. Wat ik ook heel gaaf vond: Walking on the Moon van The Police en Running Up That Hill van Kate Bush, met die professor met de wolkenmaker. Mijn vader hield van geheime zendermuziek, de piraten. Liedjes als Lafaard van de Stad [van Gerard Schoonebeek-red] en Meisje in je Spijkerbroek [van Kees de Wit-red], en veel van de Zangeres zonder Naam. Ik zette ook wel eens de klassieke zender op. ‘Zet maar gauw af’, riep mijn moeder dan, ‘want de katten beginnen te janken’. [lachend] Nee, klassiek werd niet echt gestimuleerd. Net zo min als heavy metal. Uit de slaapkamer van de buurjongen klonk soms heavy metal, zoals Slayer. De hele straat kon meegenieten, mijn ouders vonden het afschuwelijk.”

Elastiekjes & De Roffels

“Ik was veel meer met muziek bezig dan mijn ouders. Als ukkie verzon ik nieuwe teksten en wijsjes op christelijke liedjes. Zong mezelf met die liedjes in slaap. Ik spaarde elastiekjes en maakte die vast aan de spijlen van de stoel, en probeerde daar liedjes op te spelen. Ik ging naar de Zondagsschool en leerde blokfluit spelen. Speelde in de kerk en zong solo bij het kerstfeest in de kerk. Ik had toen al schijt aan grote groepen. Ik was zeven of acht en werd tijdens een bruiloft van een oom en tante een avond op sleeptouw genomen door de plaatselijke bruiloftsband De Roffels. Terwijl de andere kinderen op de dansvloer lagen te dollen, trok ik op met de band. Ik mocht op het podium, ging met de zangeressen mee optutten op de wc, prachtig vond ik dat. In de zandbak zong ik liedjes voor mijn vrienden. ‘Wat willen jullie horen? Een liedje over een olifant?’ Dan verzon ik een liedje over een olifant. Een beker uit de zandbak was de microfoon.”

EDITORS' CHOICE