REVIEW

Jonathan Wilson Fanfare (cd)


Eric de Boer | 12 oktober 2013

In 2011 voerde Jonathan Wilson veel jaarlijsten aan met zijn geweldige tweede album. Twee jaar later is het tijd voor een opvolger, die na veel anticipatie nu eindelijk is uitgebracht. Fanfare is geen herhaling van het recept van zijn voorganger, maar is breder, complexer en staat bol van muzikale invloeden. Dromerige West Coast soft rock met een flinke knipoog naar de seventies, voorzien van enkele psychedelische klanken.

Jonathan Wilson brengt met Fanfare een veel breder palet aan klanken ten gehore dan op de succesvolle –en nog steeds bloedmooie- voorganger Gentle Spirit. Met een keur aan meewerkende artiesten, een songlijn geschreven rondom een flinke Steinway piano en folklegende Roy Harper die meeschreef aan diverse songs is Fanfare een intense belevenis voor de luisteraar. Waar het vorige album ingetogen was en het intieme tastbaar maakte, is deze nieuwe langspeler met zijn dertien tracks een potpourri van stijlen.

De invloeden zijn dan ook niet van de lucht. In de eerste plaats is dit te wijten aan de vele vocale en muzikale bijdragen van Wilsons vrienden en collegae Graham Nash, David Crosby, Jackson Browne, Josh Tillman ( Father John Misty), Patrick Sansone (Wilco), Dawes' Taylor Goldsmith, Mike Campbell en Benmont Tench van Tom Petty and The Heartbreakers. Voeg daar het geluid van John Lennon, Bob Dylan en een beetje The Doors aan toe en het recept van Fanfare is omschreven. Divers? Jazeker, maar dat zijn de tracks ook.

De meesterlijke opener Fanfare is diep, werkt lichtelijk psychedelisch en is voorzien van een rijke orkestratie. Het nummer neemt de luisteraar meteen mee in het diepe. Dear Friend is gevoelig en dromerig, voorzien van de voor Wilson kenmerkende echo’s. Ondanks de wat lange gitaarsolo weet Wilson wel de aandacht vast te houden. Love To Love is compositorisch eigenlijk een wat te eenvoudig poppy liedje voor Wilson, maar werkt aanstekelijk met het repetitieve karakter en de Neil Young-achtige zang. Future Vision is weer zo’n echte uitsteker, de track heeft de genen van Gentle Spirit. Maar dan met meer ruimte voor andere instrumenten dan alleen de gitaar, die op Fanfare sowieso minder op de voorgrond treedt in de productie. Een duidelijke keuze van artiest en producent Wilson.

Moses Pain is echt een vocaal seventies-nummer, terwijl Cecil Taylor de stijl van Crosby en Nash ademt(ook te horen in deze track). Heeft Wilson de track echt voor hen geschreven? Het gaat hem goed af. Op Fazon horen we een nieuwe soort Wilson, met veel naar voren gemixte saxofoons en een flinke hoeveelheid jazz en funk. Lovestrong is weer een typische, dromerige Wilson-track, hoewel ik de eerste pianolijn wel heel erg vind lijken op Birdy’s Help The People. Maar ach, Wilson schaamt zich niet voor het lenen van invloeden (Neil Young) en komt er uiteindelijk goed mee weg.

Het is overduidelijk dat Jonathan Wilson op Fanfare heeft geprobeerd om zichzelf te overstijgen. De tracks klinken daardoor niet altijd evenwichtig en zullen sommige luisteraars na een eerste luisterbeurt wellicht doen terugdeinzen.  De enorme veelzijdigheid en de keur aan invloeden maken van het nieuwe album echter een intense luisterervaring. Het gevaar van het toepassen van diverse stijlen is wel dat je als artiest het eigen gezicht dreigt te verliezen. Wat in het geval van Fanfare niet het geval is, maar Gentle Spirit lag over het hele album gewoon meer in één lijn.

Dat de productie in handen lag van Wilson, resulteert in een fijne klank. Wilson schijnt analoog op te nemen, de kwaliteit van Fanfare is dan ook bovengemiddeld. En wie het album meer dan eens beluistert zal moeten bekennen dat ook deze langspeler van Jonathan Wilson een hoogtepunt genoemd mag worden, maar dan één van de complexe soort. Sta je ervoor open, dan is Fanfare niets minder dan een heerlijke droomplaat met een herfstachtig kleurenpalet aan klanken en invloeden.

Muziek: 9
Klank: 9
Label: Bella Union / PIAS
Speelduur: 78:34 minuten
Website

EDITORS' CHOICE