ARTIKEL

Diversiteit

“Er werd veel muziek gedraaid thuis. Heel divers. Jazz, pop, rock. Van Ben Webster tot Beatles en James Brown. We hadden een houten Dual-pick up weet ik nog. En als er geen muziek op stond was mijn vader saxofoon aan het spelen. Hij speelde de hele dag door. Er kwamen ook veel muzikanten langs. Maar het is niet zo dat er nu elke week een wilde jamsessie was. Het was heel grappig om te zien hoe verschillend de mensen waren die over de vloer kwamen. Mijn Duitse oma was een heel correct en net mens, maar ze liep net zo makkelijk door het huis te dansen met Mister Slim, een geweldige Surinaamse steeldrummer. Daarnaast was mijn vader ook nog autohandelaar. Ook zijn klanten en collega’s kwamen op bezoek. Die diversiteit aan mensen heb ik altijd als voorbeeld gehouden van hoe mijn publiek eruit moet zien: van alles wat.”


Smaak

“Mijn smaak is erg gevormd door wat er thuis gedraaid werd. Maar op de middelbare school kwam in aanraking met andere dingen. Ska bijvoorbeeld. Specials, Madness. En wave-zangeres Toya, die er zo stoer punky uitzag vond ik ook cool. En natuurlijk Doe Maar. Daarna kwam disco en funk. De funk is altijd gebleven. Maar ook mijn brede smaak. Ik ben me altijd erg bewust geweest van de verwantschap tussen vrijwel alle muziekstijlen. Bijna alles hoort bij elkaar. Alleen met klassiek heb ik nog een beetje moeite. Die sfeer, daar heb ik niks mee.”


Helden

“De helden van toen zijn eigenlijk nog steeds mijn helden van nu. Saxofonist Junior Walker, Aretha Franklin, Hennie Vrienten, James Brown. Toen Brown onlangs doodging werd ik gebeld door een vriend die me condoleerde. “Als hij er niet was geweest, had jij ook niet zo’n muziek gespeeld.’ Hij had helemaal gelijk. Ik denk dat misschien wel zeventig procent van de popmuzikanten van nu anders had geklonken. James Brown was één van de belangrijkste muzikanten ooit. Wel tragisch dat hij niet echt een fijn mens was. Ik ken enkele muzikanten uit zijn band, en weet dat hij heel erg moeilijk kon doen.”

Candy Dulfer


Charlie Parker

“Ook Charlie Parker zit bij mij erg hoog. Hij is onlosmakelijk verbonden met misschien wel de mooiste muziekherinnering uit mijn jeugd: mijn eerste platenspeler. Een plastic doosje in de vorm van een lieveheersbeestje. Dat ontwerp heeft de hifi-industrie nooit meer overtroffen. Het eerste plaatje dat ik erop draaide was van Charlie Parker. Kreeg ik kado toen ik drie was. Dat was geweldig, mocht ik zelf dat plaatje erop leggen. In mijn studio hebben we nog steeds een platenspeler. Die heb je nog nodig want sommige muziek van mij komt nog speciaal op plaat uit, remixen ofzo, of persingen speciaal voor deejays. Maar als ik nu een plaat op moet zetten, krijg ik die naald er nog nauwelijks op. Weet nog amper hoe zo’n ding werkt. Wel gek eigenlijk, vroeger deed je diezelfde handeling de hele dag door.”


Computer

“Nu luister ik vooral via de computer naar muziek. Die is draadloos verbonden door middel van Airport Express van Mac, naar B&W speakers in het plafond. Ik heb niet zo veel meer met apparatuur te maken. In mijn auto, een jeep, had ik wel een hele goede Bose-installatie. Toen luisterde ik veel in de auto. Maar toen ik een nieuwe jeep kocht zat er een nieuwe, veel slechtere installatie in. Ik luister nog wel naar de radio, maar eigenlijk vind ik radiomuziek in de auto nooit mooi klinken. Ik hou niet van die autofrequentie. Ik ben wel aan het prutsen met mijn iPod, maar dat werkt niet goed. Eigenlijk zou elke auto een directe iPod-aansluiting moeten hebben.”

EDITORS' CHOICE