REVIEWNAD

Piepen over PWM


René van Es | 17 februari 2015 | NAD
Dit artikel werd oorspronkelijk geplaatst op 16 januari 2015

De lezer die mij kent zal kritisch opmerken dat ik de loftrompet steek voor een PWM versterker, terwijl ik veelal beweer dat die techniek niet aan mij besteed is. Dat klopt en daarin heeft de lezer gelijk. Tot nu toe heb ik nooit kunnen wennen aan de techniek die van oorsprong ontwikkeld is door Hypex, behalve indien toegepast in subwoofers. Maar de tijd staat kennelijk niet stil, getuige onder meer de topluidspreker van Grimm Audio, waarin net als in de M22 Ncore van Hypex wordt gebruikt. Veel merken nemen de techniek vrijwel klakkeloos over, passen een voeding toe en zetten het resultaat op de markt. NAD doet dat net even anders. Gepokt en gemazeld met hun eigen versterkers en techniek passen ze inderdaad Ncore toe, maar dan in een gemodificeerde vorm die van techniek muziek maakt. Luister zelf maar eens naar Paul Stephenson’s CD These Days. Daarin is niets terug te horen van storende PWM elementen. Omgeven door akoestische instrumenten staat de zanger op een eenzaam hoog voetstuk. Vol warmte weerklinkt zijn stem en vult het stereobeeld zich met geluid. Hier kan ik gelijk een beperking melden van de M12 en/of M22, die na nader onderzoek merendeels toe te schrijven valt aan de eindversterker, namelijk dat het stereobeeld beperkt is in de breedte. Het reikt tot de rand van de luidsprekers, soms heel even iets verder, maar nooit breed van muur tot muur. Had ik nooit een andere versterker in de ruimte laten spelen, dan zou het nog kunnen vallen onder de noemer precisie, maar ik weet dat dat niet waar is. Het stereobeeld is los, diep, hoog maar nooit breder dan de fysieke afstand van luidspreker tot luidspreker. Niet met deze CD, niet met andere soorten muziek, niet via analoge bronnen. Belangrijk is wel dat het stereobeeld geheel los komt van de luidsprekers, die verdwijnen waarna een virtuele geluidbubbel zich vormt waarbinnen één en ander zich afspeelt.

Het positioneren van de NAD M12 en M22 is vrij gemakkelijk voor mij. Gewend als ik ben aan een puur analoge klasse A versterker combinatie van Audia vind ik de NAD’s duidelijk technischer van aard, maar niet op een vervelende manier. Recht tegenover het analoge Audia staat bijvoorbeeld Devialet met zijn ADH oplossing. Devialet schiet voor mij het doel vaak voorbij door teveel te leunen op de technische hoogstand. Begrijp mij niet verkeerd, Devialet doet geweldige dingen en wie een keer SAM heeft gehoord over een daarvoor uitgekozen luidspreker zal net zo onder de indruk zijn als ik, maar toch zie ik mijzelf niet snel overstappen van de ouderwetse klasse A naar enige vorm van PWM, zelfs niet als die van Devialet komt. Op de lange duur kon ook een M2 van NAD het niet volhouden en verdween weer uit huis. Waarom dan wel de M22 omarmen? Ik kan er de vinger niet helemaal op leggen. Mogelijk toch door het schone resultaat, het vasthouden aan muziek, de grenzeloos diepe bas of het intense genoegen om zo diep in de opname te kunnen kijken. Het is een gruwel voor een analoog liefhebber als ik om een LP eerst om te zetten naar digitaal, vervolgens van PCM/PWM weer analoog te maken en vervolgens via PWM naar de laatste trap van de eindversterker te sturen. Toch is dat precies wat ik doe met een LP van Jheena Lodwick onder de titel Getting To Know You. Een investering in een gruwelijke dure speler, een duur element en een kostbare phono versterker zet je daarmee toch geheel onder druk? Nee, gek genoeg niet. Er gaat niets verloren van die mooie, vloeiende weergave die puur analoog kenmerkt, het klinkt anders dan via mijn systeem van rechttoe-rechtaan versterking, maar niet minder, niet digitaal, niet ruwer/scherper/slissend/et cetera. Voor de goede orde, ik speel nu niet via de phono ingang van de M12, maar via de analoge ingang. De phono ingang is meer bedoeld voor diegene die af en toe een plaatje wil kunnen draaien. Bovendien werk ik vanuit het element gebalanceerd en zijn eventuele verloopjes van XLR naar RCA te groot om naast elkaar op de M12 te passen. Wat de M12 intern doet met A/D en daarna D/A conversie staat op een erg hoog niveau. Zonder bypass schakelaar is het onmogelijk om exact aan te geven wat er met het signaal onderweg gebeurt, dus ik luister gewoon alleen naar het eindresultaat. En dat mag er zijn. Niet alleen met de topopname van Lodwick, net zo goed met oude platen die nog stammen uit de jaren zeventig. Elke plaat blijft een plaat en verandert onderweg in de M22 niet in een CD. Het geluid blijft zo mooi los, zo natuurlijk, zo rijk aan detail en strak, dat ik compliment na compliment in de aantekeningen noteer.

Bronnen zijn niet beperkt gebleven tot streamen en LP’s, een analoge tuner kwam aan bod, geluid uit een TV decoder, een Blu-ray speler en zelfs vanuit de analoge uitgang van een externe DAC. Met dank aan de detaillering is de verstaanbaarheid van radio- en nieuwsuitzendingen op de TV optimaal. Met dank aan de energie in de lage tonen zijn films en TV series met grommend laag angstaanjagend. Met dank aan de interne techniek van de M12 blijft zelfs het zo gewaardeerde karakter van mijn eigen DAC (die alleen al veel meer kost dan de hele M12) recht overeind. Interessant is wat elk component doet in een andere setting, zoals mijn Audia voorversterker aan de M22 en andersom de M12 aan mijn Audia eindversterker. Eerst maar eens de phono omzetten naar de Audia en opnieuw het riedeltje platen draaien. Wat ik eerder in dit verhaal opmerkte over het stereobeeld blijft overeind. In de breedte stopt het bij de rand van de luidsprekers. Het geluid uit de eigen voorversterker is zachter van aard dan vanuit de NAD M12, met analoog net lekkerder en meer vloeiend. Maar wacht even, dat superstrakke laag gaat wel verloren in het geheel. De aandacht voor details neemt af; ze zijn er wel, maar meer omfloerst, niet zo scherp gestoken als eerder. De muziek plakt meer aan de luidsprekers dan ik gewend ben geraakt met de NAD voor- en eind samen, of gewend ben van de Audia opstelling. Interessant, dat zou aangeven dat de NAD binnen de eigen gelederen het meest optimaal presteert. Nou ja, daarmee is noch Audia noch NAD op enige manier uniek. Synergie binnen een set is heel belangrijk. Omgekeerd gaat de M12 nu aan de Audia. Even op laten warmen en weer dezelfde muziek. Eén ding is duidelijk, het stereobeeld is groter dan met een M22. Het karakter van het geluid verschuift wederom naar zachter, waarin details zeker aanwezig zijn, maar waar minder de nadruk op ligt. Een heel aangename combinatie met een uitermate prettige sound. Is het daarmee toch de Ncore techniek die ik het minst aantrekkelijk vind aan het geheel? Daar lijkt het wel op. Een kwestie van smaak en persoonlijke voorkeur, onder de microscoop gelegd in een A tegen B vergelijking, want de NAD combi heeft wel weken staan spelen voor mijn eigen genoegen zonder dat ik piepte over PWM.

Op de technische aspecten van de NAD M12 en M22 is niets aan te merken. De voorversterker is zo flexibel als mogelijk. Daarin moet gedacht worden aan instellen van gevoeligheid aan de ingangen, toonregeling, sample rates voor A/D conversie, phono ingang voor MM of MC, RCA in. XLR in, idem uit, digitaal uit, ingebouwde D/A converter, overzichtelijke display enzovoort. De M22 steekt daar schraal bij af, maar levert wel een berg vermogen, heeft RCA en XLR in, is energie zuinig en voor een eindversterker zeer compact. Daarom gelijk over op de klank en hoe de NAD combinatie omgaat met muziek. Op de eerste plaats beschikken de NAD’s over een zeer hoog oplossend vermogen dat tot gevolg heeft dat details tot in de finesses worden weergegeven. Al heel snel verliezen dergelijke versterkers zich in de techniek, maar de NAD niet, die blijft muziek op de eerste plaats zetten. De versterkers spelen puntig, dynamisch en strak. Strak op alle fronten, vooral in het laag, maar ook midden- en hoog kun je niet rekenen onder de noemer romantisch en warm. Waar de versterkers samen toe in staat zijn is het geven van luisterplezier, niet voor een uur, maar voor uren en uren. Het inzicht dat wordt gegeven in de opname, de finesse die daarbij hoort, het vertaalt zich allemaal in genoegen. Met alle soorten muziek die ik tot nu heb kunnen spelen. Voor de liefhebber van flexibiliteit gecombineerd met een groot vermogen, die man of vrouw die kijkt naar energieverbruik, de muziekliefhebber met analoge en digitale bronnen, voor iedereen die muziek na aan het hart ligt vormt de M12 voorversterker met de M22 eindversterker een droomcombinatie. Met daarbij uitzicht op een interne streamer met de kwaliteit van een Bluesound Node, bestuurd via Apps en voor AV opstellingen de nodige optionele HDMI aansluitingen, zet NAD zich wederom hoog op de lijst van meest begeerlijk apparaten.

Prijzen:

  • NAD Masters Series M12 3499 Euro
  • NAD Masters Series M22 2999 Euro

Gebruikte muziek:

  • Agnes Obel – Philharmonics
  • Paul Stephenson – These Days
  • Jheena Lodwick – Getting To Know You
  • Keith Jarrett – Last Dance
  • Pink Floyd – The Endless River

Importeur:

  • AND Benelux BV
  • info@andbenelux.com

Gebruikte apparatuur:

Analoog:

  • Transrotor Super Seven 40/60alu/TMD platenspeler
  • Transrotor SME 5009 pickup-arm
  • Transfiguration Axia low output MC-element

Digitaal:

  • NAD M50 muziek streamer
  • NAD M52 muziek opslag
  • Aqua La Scala D/A-converter
  • Monarchy Audio DIP Combo Upsampler

Radio:

  • Magnum Dynalab MD-90 tuner
  • Magnum Dynalab ST-2 FM antenne

Versterking:

  • H.A.T. PH-2 phonoversterker met PHS-2 voeding
  • Audia Flight Strumento No.1 lijnvoorversterker
  • Audia Flight 50 eindversterker - NAD M12 lijnvoorversterker
  • NAD M22 eindversterker

Luidsprekers:

  • PMC fact.12

Beeld:

  • Panasonic TX-P50V10 Plasma scherm
  • Humax iRHD-5000c ontvanger/recorder
  • Panasonic DMP-BD 80 Blu-ray speler

Stroomvoorziening:

  • Netsnoeren: Kemp, Crystal Cable Power Reference, Crystal Cable Power Ultra, Supra LoRad (DIY), Siltech SPX-10, Siltech SPX-20, Isotek Premium
  • Netfilter: SEEC HQSN-4U, Isotek Mira, PS Audio P5 Power Plant
  • Netspanning: Kemp Elektroniks Quantum Approach plug, Supra MD-06 EU Mk II verdeelblok, gescheiden audiogroep, AHP Neozed zekeringen

Netwerk:

  • Ethernet kabels: AudioQuest Carbon, AudioQuest Vodka, Supra CAT7+
  • Ethernet switches: Linksys SE2800

Kabels:

  • Interlinks analoog: Crystal Cable Connect Ultra, Crystal Cable Connect Reference, Yter XLR, VdH D 102 Mk IIII Hybrid XLR
  • Interlinks digital: Apogee Wide-Eye RCA, Apogee Wide-Eye XLR, Canare LV-77s
  • Interlinks digital optisch: AudioQuest Optilink X
  • Interlinks USB: Supra USB
  • LS-kabels: Crystal Cable Speak Reference

Accessoires:

  • Meubel: Quadraspire QAVX, Gingko Audio platform
  • Overig: Acoustic System diffusers, Acoustic System Resonators Basic + Silver, Creaktiv Systems Twister Stop, Stein Music E-pads +S, Harmonix Big-Band , Hanss Acoustics platenwasmachine, Oehlbach Phaser, WBT Nextgen connectors
MERK

EDITORS' CHOICE