REVIEWNagra

Standaard zaken

DIT IS EEN PUBLICATIE VAN MUSIC EMOTION
Ruud Jonker | 28 januari 2015 | Nagra

Een volledige HD DAC opstelling bestaat bij Nagra uit meerdere componenten. De HD DAC en losse voorzieningen voor de voeding. Er zijn twee voedingsaansluitingen op de DAC. Een voor analoog en de ander voor digitaal. Voor de connectoren worden LEMOs gebruikt. Voor de voeding kunnen een tweetal ACPS II’s worden ingezet. Nagra adviseert om de MPS (Multiple Power Supply) te gebruiken. Deze heeft vier uitgangen en kan naast de DAC ook andere Nagra apparaten voeden (zoals de BPS). Op een van de uitgangen van de MPS is accuvoeding beschikbaar (de internal battery is een optie). Naar goed Nagra gebruik is de MPS uitgevoerd met de beroemde Modulometer, die voor het eerst gesignaleerd werd op de Nagra II recorder (1952). De meter kan naar keuze de netspanning monitoren, de 12 volt outputs of het niveau van de accu. De HD DAC heeft een intern circuit om de hoogspanning voor de buis te genereren. Die wordt namelijk niet toegevoerd vanuit de MPS of de andere Nagra voedingsunits.


De Nagra HD DAC beschikt over digitale ingangen (RCA, BNC, optical, AES/EBU, USB en voor toekomstig gebruik I2S). Analoog-uit kan via RCA en XLR. XLR is standaard unbalanced, maar kan optioneel van transformatoren worden voorzien. Het front toont wederom een modulometer, die het digitale signaal weergeeft in dB FS. Daarnaast een display, een multifunction controller knop, een analoge uitgangsregelaar, een keuzeswitch voor headphone of line out, een mute, een headphone terminal en de main selector. Er is een uitgebreid menu met veel instelmogelijkheden. Onder andere het assignen van bronnen aan ingangen en de naamgeving van die ingangen. Ook de levensduur van de tube kan gemonitord worden en er is bijvoorbeeld een ‘direct out’, waarbij het audiosignaal buiten de volumeregelaar beschikbaar komt. Het manual biedt hier uitgebreide informatie. Na het inschakelen gaat de HD DAC door een ‘opwarmtijd’. Wie per abuis de main switch naar ‘off’ schakelt wordt opgevangen door een intelligente respons. De DAC schakelt niet meteen uit maar pas na enkele seconden. Scheelt wellicht een knal in de luidsprekers of het minder aan te bevelen snel uitschakelen en weer inschakelen van de buis.

Op de ingangen (AES, optical en coax) kan de DAC signalen aan tot en met 24 bit 192 kHz. Op de USB is 32 bits 384 kHz (DXD) mogelijk en DSD (double rate). Naast de communicatie met computersystemen is de DAC dus bruikbaar als extensie voor welke digitale bron dan ook. Bijvoorbeeld als upgrade voor cd-loopwerken, een DAT, een card recorder of Minidisc.  



Luisteren
Iemand die echt geoefend is, vist de eigenschappen van de Nagra DAC of elke andere DAC er moeiteloos uit, ongeacht het gebruikte audiosysteem. Met heel veel ervaring kan er dan een onderscheid gemaakt worden tussen de eigenschappen van het systeem en de eigenschappen ‘des DAC’s’. De waarheid is dat vrijwel elk audioapparaat een kenmerkende signatuur heeft die zelfs herkenbaar is op een stelletje computerluidsprekers. Wie dat onderscheid niet kan maken, komt terecht in voorspelbare fouten. Een eigenschap van een DAC of cd-speler wordt dan toegewezen aan de luidsprekers Van de fouten die de combinatie ‘versterker-luidsprekers’ maken, krijgt de DAC of de phono-versterker vervolgens de schuld.
Hoeveel mooie versterkers worden er op Marktplaats geditched of ingeruild, omdat ze de schuld krijgen van een geluidsbeeld dat veroorzaakt wordt door de akoestiek, de mismatch tussen kabels en luidsprekers of een ontspoorde draaitafel? Toch zijn er belangrijke redenen om zo’n Nagra DAC aan te sluiten binnen een systeem dat vrij is van de ‘usual suspects’, die een natuurlijke en realistische weergave ondermijnen. Je hebt dan voor de investering een maximaal resultaat. Anders zit je met een kostbare converter, waarvan de prestaties grotendeels niet tot hun recht komen door extreem slechte externe omstandigheden. Je gaat niet met een Maserati in een wijkje rijden met om de 25 meter van die killer-verkeersdrempels. In ieder geval werd er, geteisterd door de zomerhitte, rondom de Nagra een gelegenheidssysteem gebouwd dat niets aan de verbeelding overlaat en waarmee de HD DAC alle prestaties kan etaleren.

Resultaat
Welk verwachtingspatroon bestaat er nou ten opzichte van zo’n DAC? Wel, het uiteindelijke criterium is dat muziek een beetje natuurlijk en realistisch klinkt. Belangrijk is om te weten dat het perspectief dat beluisterd wordt, afhankelijk is van waar de microfoons staan. Bij een opname van het Amsterdams Concertgebouw Orkest denkt u dat het perspectief vanaf rij acht tot twaalf is. Maar, de microfoons staan soms dichterbij. U luistert dus vanaf die microfoonpositie. Om de zaken nog complexer te maken heeft het Concertgebouw Orkest tijdens een opname vaak een heel andere positie. Namelijk in een kringetje voor het podium. Afhankelijk van waar de microfoons staan, kunt u dan letterlijk bij de harpiste op schoot zitten.
Wellicht een aantrekkelijk beeld, maar het relativeert wel allerlei beoordelingen over de ‘afstand tot de musici’ of de mate waarin muziek ‘heel dichtbij’ of ‘veraf’ klinkt. Om te kunnen beoordelen wat een DAC of andere componenten doen, is het zinvol om iets te weten over het tot stand komen van de afgespeelde muziek. Ergo, als een saxofoon opgenomen wordt met een microfoon op 50 cm afstand, dan geeft een fatsoenlijk audiosysteem zo’n instrument ook puur direct, op korte afstand en uiterst confronterend weer. Als het goed is exact dezelfde ervaring als dat een luisteraar op 50 cm van een saxofoon staat.



Met geluidssystemen is het mogelijk om indruk en spektakel te veroorzaken. De bezoekers van de laatste High End zullen de voorbeelden moeiteloos op kunnen noemen. Maar een echt goed audiosysteem is in principe onopvallend. Wat spectaculair kan zijn is de opname. Die moet spreken, op dezelfde manier als u live gespeelde muziek ervaart. Met betrekking tot de Nagra HD DAC is een van de opvallendste eigenschappen de mate waarin geluid op een natuurlijke manier wordt gepresenteerd. Hoewel de DAC uiterst lineair en neutraal is, wordt de in de opname aanwezige klank en ruimte zeer fraai gepresenteerd. Lineair en neutraal zijn heel andere begrippen dan koud, kil en uitgebeten. Dat is deze DAC dus helemaal niet. De detaillering gaat diep. Maar, het is niet het soort overhyped detaillering waarop sommige systemen en luidsprekers (vaak met diamond tweeters) een patent hebben. Vergelijk maar met de realiteit. In het Concertgebouw is elk klein detail hoorbaar, maar er is geen sprake van een onnatuurlijke versterking. Probeer u altijd voor te stellen hoe een echte stem klinkt. Vergelijk dat dan met een goede opname. Eentje waarbij de stem niet op een onnatuurlijke manier is geprocessed, dus veel popmuziek is daarvoor minder bruikbaar. Aan de andere kant laat de Nagra exact horen welk type stemprocessing is toegepast.
De Nagra DAC laat stemmen op een erg natuurlijke manier horen en ook de klank van instrumenten. Het laag is zeer goed. Vol van klank, strak, doortekend, ‘tune full’ en in perfecte balans met de rest van het spectrum. Die eigenschappen zijn goed te beoordelen met materiaal dat Mark Levinson (the man) lang geleden opnam. Contrabas, stemmen, vleugel en andere instrumenten heeft hij op een heel natuurlijke manier geregistreerd. De Nagra DAC heeft ook een enorme controle over wat er binnen de stage gebeurt. De ruimtelijke afbeelding is erg georganiseerd, met messcherpe images van instrumenten en een zeer stabiele plaats. Er is sprake van een enorm doorzicht en transparantie. Een vorm van organisatie en controle, zonder dat het geluid mechanisch wordt. Het geluid mag dus ‘muzikaal’ genoemd worden, maar dan in de zin van flow, beleving, pace & rhythm, meegaandheid en natuurlijkheid. De term ‘muzikaliteit’ past niet in het jargon dat audiosystemen beschrijft. In die zin is het een ondefinieerbare straatterm.

EDITORS' CHOICE