REVIEWApogee


René van Es | 03 december 2002 | Apogee

Thuis

Hardware222222

De Apogee dac vervangt tijdelijk de M-Audio Superdac 2496. Als digitale bron dient mijn Teac VRDS-T1 met Trichord Clock II modificatie. Anti jitter box is de vertrouwde Monarchy Audio DIP Mk 2 en de kabels zijn Apogee Wyde-Eye resp. cinch en AES/EBU (XLR). Vanaf de dac gaat het verder met Van den Hul The First Ultimate naar de voorversterker van Clearaudio. De combinatie Monarchy Audio met JM Lab geeft het geluid weer op voldoende niveau. Alle apparatuur en kabels staan onderaan de recensie opgesomd. Om het geluid van de platenspeler om te zetten naar een digitaal signaal gebruik ik de tape out van de Clearaudio. Via een kabel achterop de dac verbind ik de a/d met de d/a converter. Door te schakelen tussen bron en tape monitor kan ik zo beluisteren wat het effect is van deze omweg. Alle aansluitingen op de Apogee zijn gerealiseerd met verloopjes van cinch naar XLR. Niet optimaal en gevoelig voor aardlussen, maar het is niet anders omdat mijn voorversterker geen XLR ingangen heeft en ook geen XLR tape out. Op een lichte brom na tijdens het afluisteren van de platenspeler merk ik er niets van dat cinch ontbreekt. De Apogee is zo ingesteld dat het ingang en uitgang niveau passend is voor de huiskamer. Dipswitches aan de achterzijde geven hiertoe de mogelijkheid. Het kloksignaal wordt niet gedistribueerd dus cd loopwerk, anti jitter box, a/d en d/a converter werken alle met de eigen ingebouwde klok. Geen Aardvark (wat een naam!) beschikbaar. DVD heeft een avond staan spelen, maar ik ben te weinig kritisch op dat gebied om daar een waarde oordeel over te geven, anders dan dat het uitstekend klonk en feilloos werkte. Hier gebruikte ik de optische ingang van de Apogee in combinatie met een Marantz DV6200. De tegenhanger voor het digitale geweld vormt een Garrard/Pro-ject/Highphonic/Transrotor platenspeler en later een Pro-ject/Shure/Transrotor geheel. Met Siltech MXT bekabeld van voor tot achter.

Marktplaats

Hardware2222222

Voor ik ga beginnen met de luisterervaring voel ik mij verplicht enige toelichting te geven op de prijs van dit apparaat. Ik besef terdege dat de aanschafprijs voor velen van u en voor mij zelf zo hoog ligt dat de wens er één te bezitten altijd een wens zal blijven. Kort door de bocht de PSX-100SE kost net iets meer dan 6200 euro inclusief BTW. Voor dat geld krijgt u het hierboven beschreven apparaat. Zonder kabels en zonder verloopjes. Die prijs is exact het 20-voudige van mijn eigen M-Audio Superdac 2496 (310 euro). Ontstijgt in het verleden gebruikte dac’s als Teac, Monarchy, PS Audio, en Northstar (ca. 1600 euro elk) en Audio Alchemy (1000 euro). Aan de andere kant zijn er converters die net zo veel of meer kosten te krijgen van Audio Note, Levinson, Wadia en Weiss. Of voor minder geld en eveneens voorzien van a/d conversie van onder meer Digital Audio Denmark. Alle goedkopere genoemde dac’s hebben bij mij thuis korter of langer gestaan of waren eigendom, de duurdere niet. Mijn referentie is dus ongeveer een kwart van de prijs van de Apogee.

Stel nu eens dat Apogee een converter uit zou brengen die geen a/d conversie in zich heeft. Dan zou de prijs een flink stuk kunnen zakken en meer in de buurt komen van het voor mij maximaal haalbare. Leuk voor thuis waarbij ik voorbij ga aan de markt van Apogee, de professionele opname studio. Want waar Apogee bekend door is, is de a/d conversie. Een studio verdient bovendien geld met het maken van opnames. Een converter is in dat geheel een stuk gereedschap dat dag in dag uit zijn werk moet doen. Feilloos en goed. Behorend tot een industrie standaard. Een uitgave van 6200 euro wordt gewoon terugverdient. Mijn korte kennismaking met de professionele wereld zet Apogee op een plaats waar in mijn dagelijkse professie IBM en Cisco staan als het gaat om ICT oplossingen. Waarom kiezen wij als bedrijf Cisco en betalen we daar veel voor? Omdat Cisco wereldwijd wordt ondersteund, een standaard is, voorop loopt en iedere router programmeur met Cisco kan werken. Dat gevoel heb ik ook met Apogee. Kwaliteit kost geld. Degelijkheid ook.

EDITORS' CHOICE