REVIEWCinemaTech


Garmt van der Zel | 06 mei 2004 | CinemaTech

In- en uitgangen

Belangrijk bij een apparaat als deze is uiteraard het aantal en de soorten in- en uitgangen. Hier een opsomming van de ingangen: 2x Scart, 2x S-Video, 2x Composite en 2x Component (Y,Pr,Pb). Een dubbele SDI-ingang is te verkrijgen voor meerprijs. Qua uitgangen zijn beschikbaar: RGBHV (VGA) op 5x BNC en mini D-sub15, component (Y,Pb,Pr) en DVI-D. RGB kan worden uitgegeven als RGBHV (H en V sync), RGBs (combined sync) en RGsB (sync on green). Ook is een ‘pass through’ mogelijk van VGA-signalen. De standaard picture optimizer heeft ten opzichte van de ‘plus’ minder ingangen (3, namelijk 1x Scart, 1x S-Video en 1x component) en 1 VGA uitgang (mini D-sub15).

Mogelijkheden

De picture optimizer plus kan in principe iedere resolutie uitgeven tussen 480 en 1200 beeldlijnen, met vrijwel iedere horizontale resolutie. Er zijn namelijk 2 ‘custom’ instellingen aan te maken, maar dat is werk voor specialisten. De meesten zullen genoeg hebben aan de resoluties die standaard in de plus zijn geprogrammeerd, Doubling (480p voor NTSC/576p voor PAL), Tripling (720p/864p), Quadrupling (960p/1152p), SVGA (800x600), XGA (1024x768), SXGA (1280x1024) en UXGA (1600x1200). Naast al deze resoluties kan ook de ‘frame rate’ worden aangepast (deze regelt hoe vaak het beeld wordt ‘ververst’, wat handig kan zijn om flikker te voorkomen bij CRT-apparaten). Voor NTSC is het mogelijk te kiezen uit 60, 90 en 120 Hz en voor PAL uit 50, 75 en 100 Hz. De plus doet ook een 2:2 en 3:2 pulldown voor respectievelijk PAL en NTSC films en heeft een ‘Adaptive Motion Control’ voor video. Verder behoort een adaptief kamfilter, een ruisfilter, tijdbasiscorrectie voor slechte videobronnen zoals VHS en een prima werkende ‘sharpness’ regeling. Uiteraard kunnen ook contrast, brightness, kleur en tint  worden bijgeregeld. Bijzonder zijn de gammaregeling (in stapjes van 0,05) en kleurtemperatuurregeling (in stapjes van 250K). Tot slot heeft de scaler de mogelijkheid om de verhouding van het beeld aan te passen, zoals een conversie van non-anamorphic ‘letterboxed’ bronnen naar anamorphic of het weergeven van een 16:9 beeld op een 4:3 paneel. De standaard picture optimizer heeft ongeveer dezelfde mogelijkheden als de ‘plus’, alleen is de hoogste resolutie tripling/XGA (720p, 1024x768) en zijn er geen gamma en kleurtemperatuurregelingen. Ook heeft de plus als extra een backlight LCD-display op de voorzijde.

Bij beide scalers wordt een afstandsbediening meegeleverd die helaas niet verlicht is en door zijn dubbelfunctie op een aantal toetsen wat onhandig kan werken. De on screen menu’s zijn duidelijk en eenvoudig te begrijpen. Bij de units wordt een externe universele 110/230V voeding geleverd.

Klik hier voor een vergrote afbeelding

Technische prestaties

Ik heb de scaler behoorlijk op de proef gesteld met diverse ‘moeilijke’ titels. Testapparatuur was mijn Sony DVP-S7700 DVD-speler op mijn Barco Cine 8 CRT-projector. De scaler werd ingesteld op ‘quadrupling’, wat resulteert in een resolutie van 720x960p, een prima resolutie voor de gebruikte projector. Zowel de composite, S-Video als component ingang werd getest.

Begonnen werd met diverse testpatronen van de ‘AVIA’ DVD. Het 200TVL resolutiepatroon laat altijd goed zien hoe goed een scaler of DVD-speler in staat is de volledige resolutie van DVD weer te kunnen geven. In dit geval viel het resultaat iets tegen: op de component ingang en in zijn geheel gezien was het beeld weliswaar vrij van moirée en line-straddle, maar het 6,75 MHz testpatroon werd behoorlijk soft en onduidelijk weergegeven. Ik heb dit beter gezien. In de praktijk zal dit betekenen dat de kleinste details in het beeld iets minder scherp worden weergegeven dan mogelijk is. De composite ingang laat op dit zwart-wit patroon veel moirée en ‘regenboogkleuren’ zien, hetgeen wijst op een kamfilter dat niet geweldig zijn werk doet. Bij instellen van contrast en brightness blijkt dat zelfs op de laagste contrast-stand van de scaler het wit wordt afgekapt boven een bepaald niveau ( ‘white clipping’). Dit zal betekenen dat wit-detail weg kan vallen. Ook is het beeld uit de scaler niet diep zwart bij de laagst toelaatbare brightness-instelling (daarbeneden valt zwart-detail weg). Het weergeven van testpatronen zegt niet altijd alles over de werkelijke beeldkwaliteit (wel veel), dus wordt er begonnen met het kijken naar normale DVD-beelden. De genoemde nadelen in de resolutiepatronen zouden wel eens opgelost kunnen zijn door de scaler te voeden met digitale videosignalen, maar dit heb ik helaas niet kunnen testen.

EDITORS' CHOICE