REVIEW

The Citizen Kane of concert movies


Rob Nijman | 07 juli 2017

Byrne – altijd Byrne – loopt op een gegeven moment het podium op met een pak waarbij de schoudervullingen zo ver van zijn nek vandaan lopen dat je het idee hebt naar een zingend en dansend matras te kijken. Er is veel geschreven over dit Big Suit, het meest treffend door Pauline Kael: “When he comes on wearing a boxlike `big suit` — his body lost inside this form that sticks out around him like the costumes in Noh plays — it`s a perfect psychological fit.” Ze bedoelt hiermee dat niets anders dan dit pak het beste aantoont hoe Byrne zijn muziek fysiek tot uiting wil brengen, larger than life. Even later verdwijnt het jasje, en blijft er alleen een veel te grote broek over, maar minder kolderiek wordt het niet – zeker niet wanneer twee lachende achtergrondzangeressen moeite hebben hun deel van Take Me To The River te volbrengen als de energieke frontman een rood petje toegegooid krijgt, op z’n hoofd zet en als een malloot over het podium stuitert. Opnieuw werkt iedere beweging aanstekelijk. He bobs his head; so do you. He taps his feet; so do you.

Hoogtepunt van de set is mogelijk de uitvoering van Once in a Lifetime, die in een versie gebracht wordt die sterk aan Jesus he knows me van Genesis doet denken. Byrne draagt een grote zwarte Roy Orbison bril, trapt het nummer af alsof hij een bezwerende telecaster is en verliest met name zichzelf in de openingscoupletten van het waarschijnlijk bekendste nummer van de band. Volledig bezeten, en bijgestaan door een fantastische ritmesectie, verdwijnt Byrne in de preek die hij aan zijn publiek richt. Hij is inderdaad bezeten, de hele band ook – door een ongekende rock & roll energie. Je verwacht dat hij zich ieder moment op z’n knieën laat vallen en zich volledig overgeeft aan de waanzin: “My god, what have I done?” Denk hierbij aan Charlton Heston in de slotscène van Planet of the Apes. Maar wanneer hij inderdaad door z’n benen zakt en buigt (achterover, weliswaar), veert hij snel weer op – de muziek is gewoon te verheffend.

Stop Making Sense is voor Talking Heads-fans absoluut verplichte materie. Maar eigenlijk zou iedere liefhebber van films en muziek deze concertfilm van Demme tenminste één keer op moeten zetten – als het je lukt om het bij één vertoning te laten. Jonathan Demme wordt vaak een actor’s director genoemd; meer dan eens hebben toneelspelers dankzij zijn strakke regie en duidelijke visie een gouden beeldje aan hun op zijn aangeven neergezette acteerprestatie overgehouden. De bekendste zijn Tom Hanks (Philadelphia) en het duo Anthony Hopkins en Jodie Foster (The Silence of the Lambs). In Stop Making Sense is dat feitelijk niet anders. Frontman Byrne en zijn bandleden spelen de rol van hun leven in deze veelomvattende registratie.

Het is onduidelijk of Byrne of Demme uiteindelijk de bepalende rol gespeeld heeft, maar dat maakt ook eigenlijk niets uit. Het werkt. En hoe vreemd en geïmproviseerd de ‘dans’ van Byrne soms ook lijkt, als je na het zien van deze film de nummers voorbij hoort komen, kun je eigenlijk niets anders dan inzien dat de bewegingen toch wel erg geschikt zijn. Sterker, je wil eigenlijk niets liever dan vergelijkbare stuiptrekkingen uit je armen en benen schudden. Misschien doe je dat beter wel thuis, op de leuning van je bank bijvoorbeeld, dan op straat of met je iPod in de trein.

Of? Of misschien is dat juist de hele boodschap van de film. Ga waar je ook bent gewoon los op deze muziek, op iedere muziek, en stop making sense!

SETLIST

  • Psycho Killer
  • Heaven
  • Thank You for Sending Me an Angel
  • Found a Job
  • Slippery People
  • Burning Down the House
  • Life During Wartime
  • Making Flippy Floppy
  • Swamp
  • What a Day That Was
  • This Must Be the Place (Naive Melody)
  • Once in a Lifetime
  • Genius of Love (as Tom Tom Club)
  • Girlfriend is Better
  • Take me to the River
  • Crosseyed and Painless

EDITORS' CHOICE