REVIEWPioneer


Garmt van der Zel | 20 augustus 2001 | Pioneer

Geluidskwaliteit

Bij de beoordeling is gebruik gemaakt van de Sony DVP-S7700 als referentie DVD-speler en de Lexicon DC-1/Parasound HCA-1205A combi als referentie versterking. Voor de achterkanalen werd een Parasound HCA-1000A ingezet. Als luidsprekers diende een 7-kanaals combinatie van MartinLogan Scenario/Script/Cinema met BagEnd Infrasub-18 subwoofer. Gebruikte kabels waren van Nordost (interlinks en luidsprekerkabel), MIT en v.d. Hul (digitaal) en Monster (Video). Beeld en geluid werden gecalibreerd met respectievelijk AVIA en een analoge geluidsdrukmeter.

Na een aantal dagen continu warmdraaien en inspelen werd een serieus begin gemaakt met luisteren. Ik was zeer benieuwd wat de prestaties zouden zijn van de 2 componenten als set, dus werd daarmee begonnen en wel met CD via de digitale uitgang van de DV-939A. “Baduism Live” van Erikah Badu liet een stem horen die goed in focus was, met een vrij direct en dynamisch geluidsbeeld. Diepte viel iets tegen, alsmede de klankmatige balans, die iets aan de scherpe, analytische kant was. Het laatste nummer “Stimela” van het album “Hope” van Hugh Masekela gaf een wat instabiel, maar verrassend ruimtelijk en los geluidsbeeld met veel kracht ook op hoge volumes. In het nummer “Ophelia” van Natalie Merchant van het gelijknamige album komt het geluid mooi los van de speakers en klinkt in track 2 de akoestische gitaar zeer puur en direct. Er is een hoge mate van detaillering, maar deze wordt iets minder bij een hoger volume. De klank mist t.o.v. de referentie iets aan muzikale warmte en menselijkheid. Het eerste nummer van “Into The Labyrinth” van Dead Can Dance klinkt zeer breed (het geluid treedt buiten de speakers), maar de stem heeft een ietwat elektronisch karakter. De shaker staat bijna 1 m voor de speakers, maar klinkt naar mijn smaak net iets te pittig. De opname mist ook wat spanning. Al met al goed, maar niet uistekend.

De volgende test was een evaluatie van de muzikale prestaties van de DTS- en Dolby Digital decoders in de VSA-E8 met muziek. Begonnen werd met de DTS versie van Alan Parsons “On Air”, die wederom zeer gedetailleerd en dynamisch klonk, maar wat rust en stabiliteit mistte. Met de DVD “Corrs Unplugged“ werd wat homogeniteit in het geluidsbeeld gemist, die aanzienlijk verbeterde toen alle speakers van small op large werden gezet. Dit kan duiden op een niet volledig transparante werking van de crossovers. Dit werd bevestigd met het nummer “Be Well” van Luka Bloom op “The Acoustic Motorbike” in stereo: de opname klinkt natuurlijker met de speakers op een “large” setting.

Vervolgens werden de prestaties van de combi uitgeprobeerd met films. Hier is waar het sterke punt ligt van de VSA-E08 met zijn THX nabewerking. “Gladiator” in THX Surround EX klinkt extreem dynamisch, homogeen, gecontroleerd en tegelijkertijd direct. Er wordt een klein beetje openheid en luchtigheid gemist t.o.v. de referentie, maar dat is het enige. Ook “The Haunting”, “Toy Story II” en “Ronin” komen zeer goed uit de verf en er is eigenlijk geen moment dat er iets wordt gemist in het geluid, mits THX nabewerking aan staat. Zonder THX processing is de klank wat dun en scherp en worden de luidsprekers meer aanwijsbaar in het geluidsbeeld.

Ook werden wat luistertesten uitgevoerd om te weten te komen hoe de Pioneer DVD speler presteert t.o.v. de referentie als loopwerk, wederom via de digitale uitgang: “Enjoy the Silence” van Depeche Mode klonk zeer dynamisch en ritmisch correct op de Pioneer met gitzwarte bassen. De Sony referentie klonk hier vlakker en minder dynamisch, met een meer laid-back geluid. Met het nummer “Wash Me Clean” van K.D. Lang op “Ingenue” gaf de Pioneer DVD speler een compacter en minder breed beeld dan de Sony, maar focussering was beter en het geluid directer met een zeer goede scheiding van instrumenten. Het hoog van de DV-939A werd echter af en toe wat vermoeiend. Met DVD-Video (The Corrs) klonk de Sony rustig en homogeen, met een zijdezacht hoog. De Pioneer klinkt eerder direct en dynamisch met veel hoogdetail. Overigens werden de testen herhaald op de analoge uitgangen van beide spelers met nagenoeg dezelfde verschillen (!), maar viel de Pioneer nog meer op door zijn zeer transparante en gedetailleerde geluid. De DACs in de DV-939A zijn zeer nauwkeurig!

De ingebouwde Dolby Digital en DTS decoders bleken een stuk minder goed te klinken dan de decoder ingebouwd in de VSA-E08, maar voor mensen met een Dolby ProLogic versterker met 5.1 ingang zijn de decoders zeer goed bruikbaar.

Met de LP “One on One” van Bob James en Earl Klugh bleek de phonotrap van de VSA-E08 prettig om naar te luisteren en schoon, maar mistte deze wat basdiepte en was het middengebied wat laid-back. Het geluid mist echte diepte. Wel weer die mooie focussering en ruimtelijke plaatsing in de breedte. Dynamiek lijkt iets beperkt. Al met al redelijke prestaties, maar bedenk dat alle analoge ingangen door analoog/digitaal omzetters digitaal worden gemaakt, wat een deel van de analoge gloed van LP’s teniet kan doen. Een idee is om deze te omzeilen via de 5.1 ingangen en een externe phonotrap te gebruiken, maar de 5.1 ingangen zullen bij deze combinatie al bezet zijn door de DV-939A…

Het meest nieuwsgierig was ik naar de prestaties van de combinatie met DVD-Audio. Ondanks weinig luisterervaring met dit medium hoop ik een idee te kunnen geven van de resultaten. Begonnen werd met “Retold” van “Hamamura Quintett”, een DVD-Audio demo disk met opnames in verschillende formaten. De formatie bestaat uit afgestudeerde Jazzmuziekanten van het Berkley College of Music/Boston. De 192 kH/24 bit (hoogste 2-kanaals DVD-Audio standaard) versie van het nummer “Falling in Love with Love” liet een extreem stabiel beeld horen met een zeer filigraan hoog, een enorm zuiver stemgeluid en een grootse akoestiek. Dit had niets meer te maken met CD! Als alle opnamen deze kwaliteit gaan krijgen, staat ons heel wat te wachten. In vergelijking klonk de 96 kHz/24 bit (afspeelbaar met de meeste DVD-Video spelers) versie minder gefocusseerd en met een minder duidelijk gedefinieerde akoestiek. Het gehele geluid klinkt “luier” en komt minder los van de speakers. Dat de speler en versterker dit kunnen laten horen zegt wat over de kwaliteit van de apparaten! De multi-kanaals mixen op deze disk waren jammerlijk mislukt, met een veel te agressieve sturing van instrumenten in de surrounds en een duidelijke afname van definitie. Typisch een voorbeeld van hoe het NIET moet, zeker niet met een jazz-opname.

Van dezelfde disk werd ook de klassieker “One Note Samba” gespeeld. Eerst was de 48 kHz/16 bits opname aan de beurt, die fraai klonk, maar een korrelig en beperkt hoog liet horen, met een iets onduidelijk gedefinieerde stem en een te groot afgebeelde saxofoon. Ik was duidelijk verwend door de hoge resolutie formaten die aan dit nummer vooraf gingen! De 96 kHz/24 bits opname klonk al beter, met een beter gefocusseerd en stabieler stemgeluid en een kleinere saxofoon. Er was meer speelvreugde te horen. In de 192 kHz/24 bits versie was de staande bas nu volledig en makkelijk te volgen, werd de stem veel zijiger, was er meer lucht en meer ruimtegeluid. Zeer boeiend om naar te luisteren…

Vervolgens werd er getest met klassiek van Nikolaus Harnoncourt met de Berliner Philharmoniker op de CD “Johann Strauss in Berlin” van het Teldec label en dezelfde muziek in DVD-Audio en AC-3 formaat. Deze opname klonk al zeer mooi op CD, met een goede balans en een natuurlijk ruimtelijk beeld. De opname was niet scherp, in tegenstelling tot veel andere klassieke opnamen tegenwoordig. Zeer aangenaam dus. Echter, wat de multi-kanaals mix op de DVD-Audio disk mij liet horen overtrof mijn verwachtingen: het cliché van het in de concertzaal aanwezig zijn werd compleet waargemaakt. Er was geen enkele sprake van een overdreven of onnatuurlijk surroundveld, alleen maar een atmosfeer die een 2-kanaals CD nooit zal kunnen bieden. In deze opname klopte gewoon alles. Ook de AC-3 mix klonk mooi, maar vergeleken met de 96 kHz/24 bit 5.1-kanaals DVD-Audio versie, klonk deze welhaast synthetisch, wat onrustig en dynamisch vlakker. De toon voor de toekomst in gezet!

Conclusie

Een zeer indrukwekkende combi, waarbij vooral opvalt hoe enorm uitgebreid beide produkten zijn uitgerust en hoe goed de versterker presteert in THX filmmode. De Pioneer DVD speler is een nieuwe beeldreferentie en geeft met DVD-Audio een waanzinnige kwaliteit, die door de versterker absoluut transparant wordt doorgegeven. In stereo is de versterker niet een topper, maar voor de mensen die houden van een direct, dynamisch en gedetailleerd geluid met veel definitie, kan ik deze combinatie van harte aanbevelen!

Gebruikte apparatuur

MartinLogan Scenario voor- en achterspeakers
MartinLogan Script zijspeakers
MartinLogan Cinema center speaker
Bag End Infrasub 18 LFE sub 2x REL Q100E zijsubs
Lexicon DC-1 v.4.00 met DTS ES/DD EX/THX
Parasound HCA-1205A 5-kanaals eindversterker
Parasound HCA-1000A 2-kanaals eindversterker
Sony DVP-S7700 DVD-speler
Sony KV-28WX1 widescreen televisie
Mitsubishi VS-1281E 7" CRT projector
Da-Lite Permscreen 91" 16:9 matwit scherm
Deuce Video Scaler (1280x1024, 75 Hz)
Videokabels: Monster, Oehlbach (zelfbouw)
Audiokabels: voornamelijk Nordost (Blue Heaven/Red Dawn/Flatline) en Van den Hul (The First, als digitale coax)
Netkabels: MIT Z-Cord II op voorste 3 elektrostaten en Lexicon voorversterker
Accessoires: kegels onder versterkers, Nordo
st Pulsar Points onder DVD-speler en voorversterker
Audiorack: Target

EDITORS' CHOICE