REVIEW

Claude Debussy / Maurice Ravel


Jan de Jeu | 04 maart 2004

Claude Debussy: Prélude à l’ après-midi d’un faune, Petite suite
Maurice Ravel: Valses nobles et sentimentales, Le tombeau de couperin
The Detroit Symphony Orchestra o.l.v. Paul Paray

Claude Debussy/Maurice RavelDit is zo’n heruitgave waar je reikhalzend naar uitkijkt. Niets ten nadele van alle fraaie Speakers Corner Records re-issues van opnames op labels als Decca, Verve en RCA Victor maar dè naam die ontbreekt is het in 1945 opgerichte Amerikaanse platenlabel Mercury. En nu is het dan zover. Aanvankelijk is het een poplabel en met Frankie Lane’s single ‘That’s My Desire’ hebben ze hun eerste millionseller. Maar dat is niet het genre waarmee Mercury zich later gaat profileren en een grote naam opbouwt. De op mijn draaitafel liggende LP stamt uit de periode waarin Mercury contracten tekent met de grote Amerikaanse symfonie orkesten uit die tijd. Onder andere The Chicago Symphony Orchestra onder leiding van Rafael Kubelik, The Minneapolis Symphony Orchestra onder leiding van Antal Dorati en The Detroit Symphony Orchestra onder leiding van de Fransman Paul Paray.

Kai Seemann en zijn team houden geen chronologische volgorde aan bij het uitbrengen van het omvangrijke oeuvre van de ‘living presence’ serie en deze schijf is dan ook opgenomen in de tweede helft van de vijftiger jaren. De werken van Ravel in december 1955 in Old Orchestra Hall in Detroit en de stukken van Debussy in april 1959 in Paradise Theatre, eveneens in Detroit. Bij de opnamen wordt gebruik gemaakt van een opnamebus met state of the art opname apparatuur bestaande uit tape machines, monitor luidsprekers, microfoons, versterkers audiokabels en netsnoeren. De tapemachines en monitor luidsprekers zijn dezelfde die later bij het mastering proces ingezet worden. Op locatie wordt gewerkt met drie microfoons; een center en twee zij microfoons. Opnameleider Bob Fine is één van de eerste audio engineers die daarbij de Telefunken U-47 microfoon inzet. De conversie van drie naar twee kanalen laat hij over aan zijn vrouw; Wilma Cozart die samen met Harold Lawrence verantwoordelijk is voor de productie van deze schijf.

Het klankmatige resultaat is de benaming ‘living presence’ waardig. De term is afkomstig van muziek criticus Howard Taubman van The New York Times die na het horen van een Mercury opname van ‘Pictures At An Exhibition’ – door The Chicago Symphony Orchestra o.l.v. Rafael Kubelik - schrijft; “One feels oneself in the living presence of the orchestra”. Bij het beluisteren van deze schijf heb ik inderdaad het gevoel dat ik bij de opname aanwezig ben. Met name de dynamiek en de transparantie vallen in positieve zin op. Daardoor komt afwisselend zowel de kracht als de subtiliteit prachtig naar voren. Paray weet het geheel een sprankelend en tegelijkertijd vloeiend karakter te geven. Ondanks de tape hiss die in zachtere passages te luid van zich laat horen een prachtige plaat voor diegenen die gegrepen kunnen worden door de magie van een superbe uitvoering door een groot 104 man sterk orkest en een bevlogen dirigent.   


Format:  LP / 180 grams Vinyl / Mercury Living Presence; SR-90213

Label:  Speakers Corner Records
Starkenbrook 4
D-24214 Gettorf
Deutschland
www.speakerscorner.de  

Distributeur: Technicom
Tel. 035-6237170
 

 

EDITORS' CHOICE