REVIEW

Gluck - Orfeo ed Euridice


Ferd Op de Coul | 16 juni 2005

Gluck’s meesterwerk is een van de populairste opera’s aller tijden. De van smartelijke schoonheid vervulde lyrische muziek, ontworsteld aan barok en gelouterd door "Empfindsamkeit" en de Weense klassieken, had in dit werk een "point of no return" bereikt van waaruit perspectieven naar de vroege Romantiek geopend werden.

“Orfeo ed Euridice” van GluckDesondanks is van een vreemde stilistische mixtuur allerminst sprake, want de volstrekte eigenheid en autonome waarden van deze magistrale partituur hebben op de latere ontwikkelingen van de muziekdramatische kunst na Gluck een eigen en onmiskenbaar stempel gedrukt. En ze doen dat nog steeds. Als tenminste de superieure balans tussen muziek en drama, de partituur van Gluck en het libretto van Raniero di Calzabighi niet wordt verstoord door "Fremdkörper", in welke vorm dan ook, in die van de mise- en scène inbegrepen.

Dat laatste is helaas al te sterk het geval bij de nieuwe dvd-produktie van het werk, zoals die door Arthaus in omloop is gebracht. Waarbij moet worden aangetekend dat de muzikale kwaliteiten en opvattingen absoluut van grote waarde zijn, maar de – voor de zoveelste keer – totaal mislukte "modernisering" en "actualisering" van het toneelbeeld, kostuums en entourage slaat, ook al staat een grote naam als regisseur Harry Kupfer op de affiches en het dvd-setje, als een tang op een varken. Kupfer en diverse andere regisseurs van opera’s blijken niet in staat, de tijdeloosheid van klassieke meesterwerken te respecteren.

Ze toveren vervolgens alle mogelijke verzinsels uit de hoge hoed, die niets met de traditionele opvattingen te maken hebben, maar daarentegen stranden in krampachtige pogingen, het drama een eigentijdse draai te verlenen. Zoals hier: Euridice komt om bij een verkeers-ongeluk en ze wordt per hypermoderne ambulance afgevoerd, Orpheus, in spijkerpak en met een gitaar, treurend achterlatend. De zanger uit Thracie wordt zelf in een gekkenhuis opgesloten en in een dwangbuis gewikkeld. Schuivende glaspanelen, filmprojekties, de koren in rokkostuum en andere bizarre toestanden maken het er allemaal niet beter op, in tegendeel: de kloof tussen de prachtige 18e eeuwse muziek en de modernistische visualisering is een ergerlijk en voortdurend onoverbrugbaar anachronisme dat in geen enkel opzicht te verdedigen is. Al lukt het soms ook wel, met name in komische opera’s, waarin alles met een knipoog of verwijzingen naar actuele maatschappelijke verschijnselen kan worden gerelativeerd. Maar hier zitten Kupfer en de zijnen er falikant naast, terwijl de wijze, waarop onder leiding van Hartmut Haenchen de muzikale vertolking van deze opera tot stand wordt gebracht, heel stijlbewust, partituur-getrouw en expressief-lyrisch blijkt te zijn.

Counter-tenor Jochen Kowalski als Orpheus zingt en acteert die rol, ondanks de handicap van die rare enscenering, indrukwekkend, met steeds beheerste vokaliteit, warm en lyrisch en niet geforceerd. Ook de mezzo Gillian Webster als Euridice is overtuigend, evenals Amor, gezongen door Jeremy Budd. Voortreffelijk zijn ook het Royal Opera Chorus en Orchestra of the Royal Opera House, onder de bezielende leiding van Hartmut Haenchen, die in de regel met voortvarende tempi de "drive" van deze prachtige muziek een vitale glans verleent. De beeld- en geluidskwaliteit van deze dvd voldoet aan hoge verwachtingen.


Aanvullende informatie:

"Orpheus ed Euridice"
opera van Chr. Willibald von Gluck/Raniero di Calzabigi.
ArtHaus Musik.
Subtitels: D,F,GB, Sp, Jp.
Regio code 0
PCM-stereo.
Opn.jaar: 1991, 83 min.

EDITORS' CHOICE