REVIEW

Die Entführung aus dem Serail


Ferd Op de Coul | 08 september 2005

Mozart was niet alleen een geniaal componist, maar ook een groot mensenkenner. Anders zou hij nooit in staat geweest zijn, zulke puike staaltjes rake typeringskunst in karakter-rollen voor zijn opera’s te bedenken en die personages zo raak en vol verbeelding muzikaal te "portretteren".

Die Entführung aus dem SerailEen markant staaltje daarvan is de schavuit Osmin, harembewaker ten paleize van Bassa Selim, in "Die Entfürung aus dem Serail", komische opera – eigenlijk "Singspiel" - in drie bedrijven dat 16 juli 1782 te Wenen in premiere ging. De vertelling is van een zekere Christian F. Bretzner.

Dit zangspel over de ontvoering van Constanze door haar minnaar Belmonte uit de harem van de sheik Bassa Selim is een van talrijke staaltjes "turqoiserie" welke in de 18e eeuw tijdens de Turkse overheersing in centraal Europa in muziek, theater en literatuur in alle mogelijke vormen opdoken. Ritmische en melodische verwijzingen naar Turkse muziek zijn dan ook in dit kostelijke zangspel van Mozart herhaaldelijk aan de orde.

Goed beschouwd, een treffend staaltje multi-culturele integratie of beter: beinvloeding. Een nu in Europa vooralsnog onbereikbare optie, want de Turken zijn nog steeds niet erg getapt als kandidaat-EU-lid, maar dit terzijde.

De ontvoering waar deze opera om draait is speels, geweldloos en menselijk, al is Osmin een haatdragend sujet die voor martelpraktijken van de ergste soort te porren is, getuige zijn fameuse "Martel-aria" en de aria:"Ha, wie will ich triumphieren". Deze Osmin, althans de vertolker van die rol, de grote Amerikaanse bas Willard White, is de sterkste persoonlijkheid in de nu op dvd uitgebrachte Glyndebourne- produktie uit 1980.

Die "leeftijd" is deze theater-reportage van het Glyndebourne Festival intussen wel aan te zien. White is in feite de enige die echt leven in de brouwerij brengt, want de regie van Peter Wood munt bepaald niet uit door fantasievolle actie en on- conventionele spontaniteit. In tegendeel: het is allemaal nogal statisch en aan de brave kant. De vokale bezetting is, behalve dus White, geen top, maar wel voldoende en Constanze, de sopraan Valerie Masterson biedt zelfs mooie, lyrische momenten, net als haar stemgenote Lilian Watson, die gelukkig ook enige levenslust en "Liebesfreude" etaleert. De tenoren Ryland Davies als Belmonte en James Hoback als Pedrillo, zijn vokaal voldoende maar krijgen van de regie nauwelijks kans zich echt te ontplooien. Dat geldt vooral voor Bassa Selim, een spreekrol van Joachim Bissmeier, die op de jonge Toon Hermans lijkt, maar diens uitstraling mist…

Er zijn mooie decors, grotendeels gebaseerd op de fraaie arabesken in de wanden en hekwerken van het Alhambra te Granada en de kostuums zijn van die gefantaseerde Ali Baba-outfits die niets met de Osmaanse cultuur te maken hebben, maar een kniesoor die daar op let... Tegen de zwaar bezette orkest-partijen van het Londens Philharmonisch Orkest dat compleet in de bak schijnt te zitten, kun je tegenwoordig ook bezwaar maken: de klank is te log en ondoor- zichtig voor Mozarts sprankelende muziek. Een kamerorkest in barok- bezetting zou een verademing hebben betekend. Maar goed: het is hier tenslotte nog 1980 en er wordt wel fraai gemusiceerd in deze on-balans-verklanking onder leiding van Gustav Kuhn. Het stereo-geluid van de dvd is heel behoorlijk.


Aanvullende informatie

"Die Entführung aus dem Serail" zangspel van W.A.Mozart. Glyndebourne
Festival-produktie 1980. Solisten, koor, LphO olv Gustav Kuhn. Regie:
Peter Wood, Mise-en-scène: William Dudley; tv produktie: Dave Heather.
PCM stereo, pict form. 4:3 ArtHaus-dvd. Duur: 140 min.

EDITORS' CHOICE