REVIEWSpendor

Recensie: Spendor SP2/3R²


Kilian Bakker | 06 juli 2011 | Spendor

Spendor is één van de weinige fabrikanten die in het verleden een licentie van de BBC kreeg voor het vervaardigen van de fameuze LS 3/5a. Daarnaast heeft deze luidsprekerspecialist ook menig zelf ontworpen compact-monitor geproduceerd, zoals de originele SP2. Dat model werd sinds de jaren `70 in ere gehouden door verschillende incarnaties waarbij de afmetingen en indeling van de baffle onveranderd zijn gebleven. De SP2/3R2 is de nieuwste uitvoering die van dezelfde `wide surround` hoogfrequent-unit gebruik maakt als de A-lijn van Spendor (vroeger waren alle SP modellen van 19 mm Scanspeak units voorzien). De SP2/3 is weliswaar geen woudreus zoals de SP100, maar ook bepaald geen uk. Met zulke kasten in je huiskamer zal je liefhebberij voor iedereen duidelijk zijn - en daar is niets mis mee. Die fors uitgevallen kasten zijn overigens totaal anders geconstrueerd dan moderne, conventionele `dode` klankkasten.

Tijdens het weergever-onderzoek wat bij de BBC Kinswood-Warren afdeling werd uitgevoerd in de jaren `50 en `60 merkten de ontwerpers op, dat een vrij stijve constructie met dikke wanden voor relatief hoogfrequente resonanties en pieken met een lang aanhoudende energie kunnen zorgen. Een bijzonder rigide constructie helpt bij het reduceren van de amplitude van kastresonanties maar het drukt die resonanties tegelijkertijd omhoog in frequentie waardoor menig ongewenst bijverschijnsel de kop opsteekt in het heilige midden, waar het menselijk gehoor het meest gevoelig is.


Foto: Spendor - Philip Swift

Gezien de BBC accurate stemweergave zeer hoog in het vaandel had, werd voor de inmiddels fameuze dunwandige, `critically damped` kastconstructie gekozen. Dat werd Lossy Construction genoemd. Bij een dunwandige, Lossy Construction klankkast sterven resonanties relatief snel uit zodat er een schoner en meer ontspannen weergave ontstaat. De grote en dunwandige klankkasten van traditionele BBC monitoren zoals die van Spendor en Harbeth maken bij bekloppen een laag, bijna `kartonnen` geluid waaraan sommige mensen mischien even moeten wennen. Toch is dit enkel positief want een dergelijke klankkast zal hoog- en middenfrequentresonanties eerder in de kiem smoren. Alhoewel klankkasten met zogenaamd `dode` constructies in de jaren `80 erg populair werden, zijn er altijd fabrikanten geweest die moderne materiaaltechnologie met oude kennis van zaken wisten te combineren.

Men heeft bij Spendor niet stilgezeten, getuige de herontwikkelde polypropyleen mid/laag unit en een nieuw dempingsmateriaal van de klankkast, welke als "temperatuurstabiel rubberplaat" wordt omschreven door de fabrikant. Bij navraag gaf Philip Swift de volgende uitleg: "de SP2/3R2 demppanelen zijn vervaardigd uit een modern rubberachtig materiaal van hoge dichtheid. Hun functie is te vergelijken met die van de LS3/5a demppanelen. In de LS3/5a en voorgaande Spendor Classic luidsprekers bestonden de demppanelen hoofdzakelijk uit bitumen (teer). De stijfheid van bitumen vertoont sterke veranderingen bij temperatuurwisselingen die zich in de gemiddelde woonruimte voordoen, waardoor het dempeffect en daarmee de geluidskwaliteit varieert met de omgevingstemperatuur. De eigenschappen van dit nieuwe dempingsmateriaal variëren niet op beduidende wijze tijdens temperatuurveranderingen wat tot een meer constante weergavekwaliteit leidt. Overigens zijn de kastwanden opgetrokken uit MDF maar dan dunner dan die van conventionele weergevers".


Foto: Spendor - Philip Swift

Dat laatste was in respons op mijn vraag, of men bij Spendor nog altijd berken multiplex toepast voor kastwanden.

EDITORS' CHOICE