REVIEWDenon


Werner Ogiers | 25 augustus 2002 | Denon

Wel, het was een dubbel succes. Niet alleen ziet het Pedersen-bord er mooier uit dan de standaard Michell-oplossing, het laag van de DL103 speelde plots op hetzelfde niveau als het midden (mooi rond, krachtig, ritmisch), de plaatsing in de breedte werd wat scherper afgelijnd, en het hoog trok beduidend minder aandacht. In het midden leek het alsof het geluid wat rustiger, wat minder vervuild werd.

In deze laatste opstelling werd dan een kwaliteit gehaald die puur op hifi-criteria net niet helemaal in de buurt kwam van de klassiekers in de prijsklasse tot 300 Euro: een Ortofon MC25FL of Audio Technica OC9 klinken toch nog wel wat fijnzinniger. Maar wanneer we ons beperken tot wat muzikaal relevant is, dan blijkt deze Denon een boel hoogwaardig luisterplezier te leveren. Ik heb het al gezegd: het sprankelende en aanstekelijke karakter van de Denon DL103 moet gehoord worden!

Sneak preview - Shelter 501 MkII

Shelter 501b mc element2De Shelter 501 is een wat geheimzinnig element. In de eerste plaats wordt het bijna nergens verkocht buiten Japan, en in de tweede plaats zijn er geruchten als zou de 501 identiek zijn aan de Crown Jewel, een element dat indertijd US$2500 kostte.

Via postorder uit Japan kost een Shelter 501 US$650 ...

Begrijpelijk dus dat ik enigszins geintrigeerd achter dit dingetje aanging. Niet omdat ik geloof dat je via wat omwegen een superduur element aan een fractie van de prijs kunt krijgen (toch niet legaal, bedoel ik). Nee, gewoon omdat rook vuur impliceert, en bijgevolg de Shelter 501 misschien wel eens een prachtig element in zijn eigen prijsklasse zou kunnen zijn.

Via exportfirma EIFL en de plaatselijke vertegenwoordiger van mijn eigen firma was een recensie-Sheltertje snel geregeld. De eerste de beste collega die even over en weer naar Tokyo ging bracht het ding mee, tussen de vuile was (?).

De 501 ziet er goed uit: een volledig metalen huisje, satijnzwart, nogal gelijkend op de oude Koetsu Black, maar met een open onderzijde a la Benz Micro. Een juweeltje om te zien, eigenlijk, zelfs als de precizie en bouwkwaliteit op het eerste zicht eerder `kleinschalige liefhebber` dan wel ISO9000-genormeerde industriereus doen vermoeden. En dat klopt ook wel: de Shelter elementen worden vervaardigd door Ozawa-san, een ex-werknemer van Fidelity Research. Elementen? Ja, er is ook nog een 901, die het dubbele kost aan US$1300 en zich intussen ook een zekere reputatie heeft verworven.

De 501 MkII heeft een weinig modieuze elliptische naald: dat maakt hem gemakkelijk af te regelen in de arm, maar beperkt de resolutie potentieel. Geadviseerde naaldkracht is 1.4-2.0g, en de uitgangsspanning bedraagt 0.4mV. Sporend aan 1.9g in mijn SME IV werden de eerste twee tracking-tracks (12 en 14dB) op de Hifi News testplaat probleemloos genomen, de derde (16dB) gaf lichte zoemgeluiden in beide kanalen, en de vierde (18dB) deed het element prompt en spectaculair uit de groef vliegen. Zo erg had ik het nog niet meegemaakt! Het moet echter gezegd worden dat dit nieuw-uit-de-doos was, en hoogstwaarschijnlijk doet de Shelter het een pak beter na enkele tientallen uren inspelen. Je hoort het nog wel.

Mijn eigen element, de MC Scheu, is een opgewaardeerde Benz Glider speciaal gemaakt voor Thomas Scheu in Duitsland, en dan ook alleen via Scheu te verkrijgen. Dit element is bijzonder goed voor zijn prijs van 700 Euro of zo, temeer daar een reguliere Glider tegenwoordig al meer kost (en naar het schijnt minder goed klinkt). Dit maakt de Scheu een ideale maatstaf voor de 501, ook al is er een fundamenteel verschil: de Benz geeft 1.6mV en heeft maar 48dB versterking nodig, de Shelter is viermaal zachter en vraagt dan ook om 60dB.

Mijn vroegere TNT-collega Thorsten Loesch noemde de Shelter 501 ooit eens een DL103 voor gevorderden. En daar zit wat in.

Waar de Scheu fijnzinnig is, neutraal, zonder scherpte, met heel veel oplossend vermogen in het hoog, maar dynamisch wat (te) beleefd, is de Shelter exuberant, overdadig, veel dynamischer, kleuriger, met meer diepte in het geluidsbeeld, maar uiteindelijk ook met wat minder hoog-resolutie. De Benz is heerlijk neutraal, de Shelter is dat duidelijk helemaal niet. Maar dat is niet erg, want de bovengenoemde positieve eigenschappen, gecombineerd met een prachtige weergave van stemmen en emotie, maken de Shelter tot een valabel alternatief in dit marktsegment: er bestaan dingen die beter zijn over heel de lijn, maar die kosten dan ook een pak meer! Tot zover mijn eerste indrukken: de Shelter is nog aan het inspelen, en voor een vollediger rapport verwijs ik dan ook naar TNT Audio, waar een echte review later in de zomer zal verschijnen.

En die geruchten? Ach, ik zou er weinig van geloven. Uit de schitterende foto`s op Jan Allaerts` website blijkt dat er visueel weinig verschil hoeft te zijn tussen dure en minder dure elementen: het zijn de details die het hem doen. Waarom zou dat dan zo niet zijn bij mijnheer Ozawa?

MERK

EDITORS' CHOICE