ARTIKEL

Zap Mama Muziekbeleving


Dieter van den Bergh | 22 mei 2010

G. Love, Bilal, Tony Allen, Meshell Ndegeocello, Tom Helsen, de Franse acteur Vincent Cassel en niet te vergeten haar oude collega’s van Zap Mama, ze zijn allemaal te horen op ReCreation, de nieuwe plaat van Marie Daulne. Excuus, de nieuwe plaat van Zap Mama, want hoewel de groep (in haar oorspronkelijke bezetting) al jaren niet meer bestaat, blijft de Belgisch/Congolese diva die naam hanteren: Marie Daulne is Zap Mama.

In 1990 creëerde Daulne het concept Zap Mama, een ‘wereldmuziek’-act rond vijf vrouwelijke vocale acrobaten. Het stel mixte Afrikaanse muziek met a capella, funk, pop, reggae, hiphop, r&b, soul en gospel tot een (wereldwijd) succesvolle sound. Het debuut, Adventures in Afropea I, kwam begin jaren negentig uit op David Byrnes label Luaka Bop, werd het best verkochte album uit zijn stal, en bereikte de hoogste positie in de Billboard World Music Charts. Ancetry in Progress viel tien jaar later - toen Daulne al lang ‘solo’ was - een zelfde eer te beurt. De muzikale koers is niet veel veranderd, al ligt de nadruk de laatste jaren meer op de nieuwste hiphop, r&b en soul.

Marie Daulne werd in 1964 geboren in Isiro in (voormalig) Zaïre, als dochter van een Waalse vader [Cyrille Daulne, die een week na haar geboorte werd gedood door rebellen] en een Congolese Bantu-moeder (Bernadette Aningi), maar groeide op in Brussel. Aan het begin van dit millennium vestigde ze zich in Amerika. De zangeres en activiste (o.a. voor Amnesty, Artsen Zonder Grenzen en de VN) nam er muziek op met onder meer Common, Michael Franti, Alanis Morissette, DJ Krush, Al Jarreau, 1 Giant Leap, Erykah Badu, U-Roy en The Roots. Tegenwoordig pendelt Daulne tussen Brussel en New York.
We spraken met de diva voor een aflevering van De Muziekbeleving Van…
Helaas wat korter dan normaal, dankzij een slechte (auto)telefoonverbinding.

Foto: Marie Daulne (Zap Mama)

Ben je opgegroeid in een muzikale omgeving?
“Ja en nee. We hadden geen eigen muziek, alleen een radio, waar we af en toe Franstalige liedjes op hoorden. Tv kijken, dat mochten we niet. Het was vooral mijn moeder die met haar songs voor de muziek zorgde. Ze zong veel thuis, meestal pygmeeliedjes uit Congo. Ze werd ook op bruiloften en partijen uitgenodigd. Al snel vormden ik en mijn zus [Anita, later in Zap Mama - red] een zangduo. We bedachten zelf harmonische en polyfonische Afrikaanse liedjes, en mochten op familiefeestjes optreden. We vermaakten ons thuis vooral met onze eigen liedjes.”

Wanneer ontdekte je de westerse muziek?
“Toen ik op de Belgische radio geconfronteerd werd met Amerikaanse blues. Dat werd mijn ding. Vooral oude blues van zwarte vrouwen, zoals Etta James of Ella Sings the Blues, een crazy album van Ella Fitzgerald. Of Lady Sings the Blues van Billie Holiday. Ik herkende iets in de blues, het gaf me steun in een moeilijke tijd. Ik maakte zelf op cassettebandjes compilaties van oude bluesartiesten. Daar zat ook veel John Lee Hooker tussen, I loved it.”

En na de blues kwam …
“De reggae en de hiphop! Acts als Beastie Boys, Run-DMC. This is it, dacht ik. Ik herkende mezelf enorm in de hiphop, in de hele movement. De raps, de acrobatiek, het breakdancen, de performance. Na de hiphop kwam de jazz.”

EDITORS' CHOICE